Van zebrapad tot ezelsbrug…

Posted by on apr 22, 2013 in Blog
Van zebrapad tot ezelsbrug…

 

Van zebrapad tot ezelsbrug. De Nederlandsche taal staat er bol van. Gezegdes of woorden met verwijzingen naar dieren, en een raakvlak met civiele techniek. In de planologische inpassing van weg- en waterbouwprojecten is trouwens best veel aandacht voor (flora en) fauna. Zo worden er tegenwoordig enorm veel faunatunneltjes of faunaduikers aangelegd. Bijvoorbeeld voor de melus melus ook wel bekend als “de das”. Ook voor vleermuizen worden diverse mitigerende en compenserende maatregelen getroffen, bijvoorbeeld voor het vergemakkelijken van het  oversteken van auto(snel)wegen. Bij een project waar ik voor werk, de verdubbeling van de N33 tussen Assen en Zuidbroek, werd laatst een vleermuisportaal geplaatst. Hebt u ooit van een vleermuisportaal gehoord?

IMG_3154

Bewegwijzerings- en matrixborden boven de snelweg zijn meestal gemonteerd aan een staalconstructie: links en rechts een of meer kolommen met een vakwerkligger of kokerprofiel er bovenop. Zo’n constructie wordt in de civiele techniek een portaal genoemd. Soortgelijke portalen worden nu geplaatst voor een hele andere toepassing dan voor bewegwijzering of verkeerssignalering, namelijk als een soort hop-over voor de lieftallige “bat”. Op het oog zien deze portalen er een beetje kaal uit zo zonder borden of andere toeters of bellen. Ademt het wellicht zelfs een beetje een BAUHAUS-achtige architectuur? Voor de moderne vleermuis geldt inderdaad het credo ‘less is more’. Bestaat er dan toch een link tussen Ludwig Mies van der Rohe en Batman?

Terug naar de wegenbouw… Door de verbreding van wegen, wordt het leefgebied van vleermuizen veranderd. Hoe dat zo? Nou, de te overbruggen afstand tussen bosranden wordt in sommige gevallen dermate vergroot dat de verkeersweg voor veel vleermuissoorten moeilijk passeerbaar wordt. Vleermuizen schijnen het prettig te vinden om bomenlanen te gebruiken als vliegroute terwijl ze open onbegroeid gebied juist mijden. Wegen hebben de neiging om nogal onbegroeid te zijn, en zijn dus niet populair als vliegroute. Vliegroutes zijn gelukkig tot op zekere hoogte door de mens te sturen door als een soort architect de lijnvormige landschappelijke elementen met elkaar te verbinden. Een vleermuizenportaal biedt een uitkomst bij de verbreding van wegen. Door een dergelijke constructie op te richten ontstaan er passeermogelijkheden voor vleermuizen en andere fauna, mits de vleermuis ook op de juiste manier naar die locatie ‘gelokt’ wordt. Op deze manier wordt dus op strategische plaatsen de grote open ruimte passeerbaar gemaakt. Eigenlijk is het te vergelijken met een mens die in het donker een trap of pad wil betreden. Een leuning biedt uitkomst. Er kan contact worden gehouden met de leuning, de een doet dat wat meer dan de ander, maar de mogelijkheid is er. Een vleermuisportaal werkt (hopelijk) net zo. Op http://www.vleermuis.net/over-vleermuizen/zien-met-je-oren.html valt te lezen: “Vleermuizen zijn niet blind, maar gebruiken om te ‘zien’ toch vaker hun oren dan hun ogen. Om zich te oriënteren zendt een vleermuis een signaal uit dat weerkaatst op voorwerpen in de omgeving. De weerkaatsing (echo) vangt de vleermuis op met zijn oren en daardoor kan hij de plaats (lokatie) en de vorm van die voorwerpen bepalen. We noemen deze manier van ‘kijken met je oren’ echolocatie.”

Over het algemeen wordt er een soort geperforeerd hekwerk bovenop het vleermuisportaal gemonteerd. Het liefst een versie met zwarte coating als je het een ‘bat’ vraagt. Daar houden ze namelijk van, zwart. Ze zien het iets minder zwart-wit dan zebra’s. Een handige ezelsbrug: een vleermuisportaal is een soort zebrapad… maar dan anders.

 

Voor meer informatie over hop-overs en andere slimmigheden, zie:

http://www.vleermuizenindestad.nl/node/70#Hop_over

Leave a Reply

*